Afscheid van een opa

Mijn opa is de vader van mijn vader. De vader, van mijn meter. De man, van Moen. De Linkhoutenaar, in Genk. De mutte, van de Turfstraat. De Jef, Van Reppelen.

Men zegt wel eens, dat er twee levens zijn. Het leven dat we geleefd hebben, en het leven dat we niet geleefd hebben. Dat het moeilijk is, om een balans te vinden, tussen enerzijds hard maar eerlijk werk, en anderzijds van het leven te kunnen genieten.

Dat hard maar eerlijk werk, bracht opa zelfs tot in Brugge. Een te lange rit, tenzij Mon aan zijn zijde zat. Opa en Mon: twee handen aan één stuur, maar vier handen op één buik. Tot in 1988. Het ongeval, dat fataal had kunnen zijn, betekende een nieuw leven voor opa. Een leven, waarin hij zeeën tijd had. Waarin zijn familie centraal stond.

Hij kreeg vijf kleinkinderen, die steeds weer bij oma en opa terecht konden. Twee van hen wilden per sé naar het buitenland. De andere zat liever op een fiets, of in de gemeenteraad. En de jongsten, die deden het met hun handen, in de vorm van om-ter-hardst-in-de-handen-pitsen, of een eigen huis bouwen. Dat alles, onder het goedkeurend oog van opa.

Op externe gebeurtenissen heb je geen invloed. En dat wat komt, moeten we nuchter en kalm accepteren. Opa leidde een leven waarin rust, in de breedste zin van het woord, centraal stond. Hij was kalm, zelden zou hij zich negatief over iemand uitlaten, hij kon erg goed luisteren, en zag in elke situatie het goede. Men herkent niet enkel de hond aan haar baasje, maar het baasje aan de hond. Ik zie Loes nog zo op de oprit zitten, wachtend op een instructie, van haar geliefkoosde baasje.

17 augustus 2007 was één van de momenten, die opa’s leven het zwaarst hebben beïnvloed. Op een vroeg uur verliet Moen, oma, in bijzijn van haar familie, ons allen,. Ze verliet opa, na een huwelijk van net geen vijfenveertig jaar.

Iets later wandelde Rita binnen in zijn leven. Ik moet eerlijk bekennen, de vijftienjarige Kobe vond het snel, misschien zelfs te snel. Maar al snel bleek dat Rita niet de plaats van oma zou innemen, maar een plaats naast haar.

Het eerste wat ze deed, was opa’s grens verleggen. Oostwaarts, zo’n 22 kilometer. Maar daar bleef het niet bij Maasmechelen. Griekenland, Turkije en Bulgarije hebben geen geheimen meer voor hen.

Het was Rita die hem meenam, op vele feestjes en dinertjes, en die er voor zorgde dat hij er mooi gekleed bij liep. Het was zij, die de laatste weken en maanden steevast aan zijn zijde zat. Die met de beste zorg hem het leven comfortabel maakte. Het was zij, die terug vreugde in opa’s leven bracht.

Sinds het begin van dit jaar, ondervond opa steeds meer last, van zijn tanende gezondheid. Af en toe iets vergeten, evolueerde al snel tot datgene, waarom niemand écht oud wil worden.

Van thuis naar rusthuis,
naar ziekenhuis,
terug naar het rusthuis,
hij heeft het nog druk gehad.

Hij leidde hoe langer hoe meer onder zijn dementie, maar verloor nooit zijn joie de vivre, zijn grapjes, zijn uitstekende gevoel voor humor.

 Lieve familie en vrienden, toen oma ons negen jaar geleden moest verlaten, vroeg ze voor opa te zorgen, om er voor hem te zijn. Als ik denk aan de negen mooie jaren die we nog samen hadden, weet ik, dat ze tevreden zou terugkijken.

Opa heeft, tot slot van rekening, zijn dagen altijd goed gevuld.

Hij..

.. is geboren op een maandag;
.. zag zijn eerste kleinkind op een dinsdag;
.. ontmoette Rita op een woensdag;
.. fietste op een donderdag;
.. hielp zijn zoon verhuizen op een vrijdag;
.. kreeg een dochter op een zaterdag;

om ten slotte afscheid, van ons allen te nemen, op een typisch, Belgische zondag.

Je was mijn opa, mijn buurman, maar vooral, mijn vriend. Met heel mijn hart, ik mis je zo.

Afscheid van een opa

 

 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.