Karel Van Eetvelt

In juni 2017 publiceerde ik mijn eerste boek, Bij Voorbeeld. Je kan mijn werk steunen door het via www.bijvoorbeeld.be te kopen, of hier gratis lezen.

Karel van Eetvelt

Ik ben altijd iemand geweest die uitdagingen zocht. Ik was ook erg sportief, al had ik vrij snel door dat het niet voldoende was om een professionele sportcarrière uit te bouwen.

Ik ben een geboren Bornemnaar. Bornem ligt in een heel mooie streek in het zuidwesten van de provincie Antwerpen, tegen de Schelde.

Ik wou eigenlijk zelfstandige worden. Mijn vader zei toen: ‘Dan moet je eerst toch gaan praten met mensen die dat kennen.’ Ik ben zo terechtgekomen bij Paul Akkermans en die zei tegen mij: ‘Manneke, ge zou beter eerst bij mij komen werken, dan weet ge wat dat is.’ Hij heeft mij toen gevraagd om in zijn bouwfederatie (Bouwunie) te werken.

Ik heb altijd opengestaan voor goede raad en goede aanbevelingen, zeker van mensen waarvan ik weet of wist dat ze veel ervaring hadden of toch wel wat meegemaakt hadden.

Ik heb geen schrik om risico’s met een organisatie te nemen, om die verantwoordelijkheid te dragen. Maar het grote verschil is dat ik dit niet met mijn eigen middelen doe. Als het echt fout afloopt, dan kan je als ondernemer alles kwijt zijn. Ik ben geen ondernemer in de echte zin van het woord, al omschrijf ik mezelf wel als ondernemend.

Of je nu een bedrijf of een organisatie leidt, je moet altijd vooruit kijken. Je moet kijken hoe de samenleving evolueert. Wat zijn grote trends die wijzigen, en hoe vertaal je dat naar de business die je aan het voeren bent? Wat moet je doen om binnen vijf jaar nog relevant te zijn? Als je daarvan vertrekt, dan weet je dat je bijna constant met transformaties moet bezig zijn. Ik heb ook geleerd dat het heel belangrijk is om beslissingen te durven nemen. Het is zelfs beter om een misschien deels foute beslissing te nemen, dan geen beslissing. Dat leer je door het te doen, en door te praten met mensen die gewoon zijn van beslissingen te nemen.

Kijk naar de tien redenen om iets wel te doen, en niet naar de honderd om iets niet te doen.

Als je zelf niet 1000% consequent bent in de dingen die je vraagt van jouw mensen, dan geef je ze argumenten om iets niet te doen.

Anonieme kritiek doet mij niets. Enkel met de kritiek van mensen die mij rechtstreeks durven aanspreken, doe ik iets. Want je weet dat iemand de moeite neemt om iemand zoals ik, waar mensen vaak toch wel wat naar opkijken, rechtstreeks een bericht te sturen. Dat alleen al is een serieuze drempel waar ze over moeten. En zelfs als het dan hard is, en als daar een hele frustratie in zit, dan doe ik daar iets mee. Op dat soort berichten antwoord ik bijna altijd zelf. En soms, als men erover gaat en het nodig vindt om mij en mijn vrouw en kinderen de huid vol te schelden, dan zeg ik er op het einde wel bij: ‘À propos, lees nu nog eens wat je geschreven hebt en denk er eens aan wat je zou doen als dat over jou en jouw familie geschreven zou worden.’ Dan krijg ik bijna altijd verontschuldigingen terug.

Als ik in de humanioria spreekbeurten moest maken, gingen die heel vaak over Kennedy, die toen al overleden was. Dat was een voorbeeld van iemand die vooruit keek.

Mijn fiets is mijn meditatie-instrument. In het begin draait mijn hoofd nog aan 200 per uur. Dan denk ik aan de uitdagingen, de problemen die ik moet oplossen en hoe ik dat kan doen. Ik probeer alles op een rijtje te zetten, maar op den duur probeer je harder te rijden zodat je dat niet meer kan. En dan begin je los te laten, dan begin je te ontspannen en heel vaak zie je dan oplossingen die je eerst niet zag.

Als ik naar de toekomst kijk en de competenties die mensen nodig hebben om het verschil te maken, dan moeten we in het middelbaar focussen op wendbaarheid en aanpassingsvermogen. In de school wordt nu het tegenovergestelde gedaan, al wil ik niet te kritisch zijn, want die mensen doen echt wel hun best.

Een diner of samen fietsen, dat hoort bij de romantische momenten. En vooral praten, samen plannen maken en vooruit kijken. Mijn partner is een aanhanger van Franklin Covey’s Seven Habits-methode[1]. We pikken elk jaar een moment voor onszelf uit om te zien waar onze doelen liggen, onze ambities, waarin we geloven, wat ons bezighoudt, om op basis daarvan in de richting van gemeenschappelijke plannen te gaan. Het resultaat kan een feest rond een bepaald thema zijn, of een reis, of een ervaring die we onze kinderen willen geven, of een kookles. Enfin, het kan van alles zijn.

Je moet altijd je ogen openhouden en verwonderd kunnen zijn over de dingen die je ziet. Dat kan maar als je vaak uit je normale habitat weggaat. Iemand uit de sportwereld die eens een economisch boek leest, bijvoorbeeld.

Succesverhalen gaan altijd over diegenen die constant nieuwsgierig naar dingen kijken, en die uit andere omgevingen elementen pikken, die ze dan toepassen op hun omgeving. Daardoor worden ze uitzonderlijk in hun eigen omgeving.

[1] The Seven Habits of Highly Effective People van Franklin Covey